Prisoners

PrisonersJaar: 2013
Regie: Denis Villeneuve
Cast: Hugh Jackman, Jake Gyllenhaal, Viola Davis, Maria Bello, Terrence Howard, Melissa Leo, Paul Dano

Het verhaal:
Keller Dover (Hugh Jackman) wordt geconfronteerd met de ergste nachtmerrie van een ouder. Zijn zes jaar oude dochter Anna en haar vriendinnetje Joy worden vermist. Het enige aanknopingspunt is een vervallen camper die eerder in hun straat stond geparkeerd. Rechercheur Loki (Jake Gyllenhaal) leidt het onderzoek en arresteert de bestuurder Alex Jones (Paul Dano). Wegens gebrek aan bewijs moet hij de verdachte echter weer laten gaan. Wetende dat het leven van zijn dochter op het spel staat besluit Dover het heft in eigen hand te nemen.

Het oordeel:
In 2013 keek ik al reikhalzend uit naar deze sluimerende thriller en tijdens de première werd ik allesbehalve teleurgesteld. Prisoners was nog beter dan ik aanvankelijk had verwacht en behoorde absoluut tot één van de hoogtepunten van het filmjaar 2013.

Scenarioschrijver Aaron Guzikowski is er dan ook met verve in geslaagd om een ijzingwekkend verhaal neer te pennen waarin wordt ingespeeld op de angst van iedere ouder; het verlies van je kind. Misschien onder de streep niet zo zenuwslopend maar het script is voorzien van zoveel subtiele lagen dat dit niet als een gemis wordt ervaren. Neem alleen al de titel van de film die verwijst naar zoveel diverse elementen. De kinderen die gevangen zijn, de ouders die gevangen zijn in hun verdriet, de verdachte die gevangen is in zijn eigen beperkingen. Het verwijst eveneens naar de kijker want Prisoners is een film die je niet in de koude kleren gaat zitten.

Naast de schuldvraag stelt regisseur Villeneuve de prangende vraag; hoe ver zou jij gaan wanneer je kind ontvoert wordt? In dat opzicht is het contrast tussen de vaders Dover en Birch levensgroot. Waar Keller dwars ligt en naar fysiek grijpt om de verdachte een bekentenis af te laten leggen reageert Franklin juist heel ingetogen en stelt hij zich meewerkend op. Met dit grote verschil had men wat meer kunnen doen want doordat de focus op Keller ligt komen niet alleen de Birch’s er bekaaid af. Ook moeder en zoon Dover krijgen namelijk beperkte screentime.

Het zal de makers er niet om te doen zijn geweest. Veel liever richten zij hun vizier op de ontvoeringszaak zelf en wordt het onderzoek van Loki uitvoerig belicht. De detective en de wanhopige vader hebben veel met elkaar gemeen maar reageren beiden totaal verschillend op de gebeurtenissen. Het zijn de relaties tussen deze twee die Prisoners tot een dijk van een film maken. Het verhaaltempo ligt voor een thriller bijzonder laag maar voor wie erin mee wil en kan gaan wacht een fantastische film die dankzij de prachtige cinematografie van Roger Deakins meer dan eens doet denken aan het meesterlijke Seven (1995).

Tijdens de jaarlijkse Oscaruitreiking was er slechts één nominatie voor Deakins waardoor ik makkelijk kan stellen dat Prisoners genegeerd is voor dit prijzenfestival. Het spel van Jake Gyllenhaal maar vooral Hugh Jackman is zo fenomenaal goed dat ik het maar moeilijk kan verkroppen dat dit niet werd beloond met een nominatie. Jackman is ongelooflijk sterk als wanhopige vader en zijn emotionele uitbarstingen bezorgen me nog kippenvel als ik eraan terug moet denken (de scène met het identificeren van de kleding). Gyllenhaal, inclusief een tic met zijn opvallend knipperende ogen, is bijna net zo goed als timide detective die een race tegen de klok voert om de zaak opgelost te krijgen. Veel lof gaat bovendien uit naar Paul Dano die wederom een transformatie heeft ondergaan. Ditmaal weet hij met beperkte screentime zowel afschuw als sympathie op te wekken en er zijn maar zeer weinig acteurs die dit kunnen bewerkstelligen.

80

Advertenties

Extremely Loud & Incredibly Close

Extremely LoudJaar: 2011
Regie: Stephen Daldry
Cast: Thomas Horn, Tom Hanks, Sandra Bullock, Max von Sydow, Jeffrey Wright, John Goodman, Viola Davis

Het verhaal:
Extremely Loud & Incredibly Close vertelt het verhaal van de elfjarige Oskar Schell, een intelligente, vindingrijke jongen uit New York. Nadat zijn vader op 9/11 in het World Trade Center om het leven is gekomen, vindt Oskar een sleutel tussen diens bezittingen en gaat op zoek naar het bijbehorende slot. Tijdens zijn zoektocht ontmoet hij een aantal bijzondere mensen met elk een eigen verhaal. Ieder van deze ontmoetingen brengt hem iets dichterbij de man die hem hielp zijn angst te overwinnen voor de luidruchtige, gevaarlijke wereld om hem heen.

Het oordeel:
Onder liefhebbers van de betere filmhuis producties geniet Stephen Daldry grote bekendheid dankzij kleine, ontroerende titels als Billy Elliott (2000), The Hours (2002) en The Reader (2008). Voor zijn nieuwste project met de lange titel Extremely Loud & Incredibly Close nam hij het gelijknamige boek van Jonathan Safron Foer als uitgangspunt.

Ergens in 2009 werd ik bijzonder gegrepen door de Nederlandse uitgave Extreem luid & ongelooflijk dichtbij en doordat ik er stellig van overtuigd ben dat een film nooit beter is dan het boek (niets gaat boven je eigen verbeelding!) heb ik lang gewacht met het bekijken van deze DVD. Wat me vooral is bijgebleven van het boek is dat de stijl ervan heel creatief was want naast de gewone bladzijden bevatte de bestseller handgeschreven teksten, veel foto’s en visuele grappen. Ik was daarom wel benieuwd hoe men de vertaalslag naar de verfilming had gemaakt.

De film blijft in ieder geval erg trouw aan het bronmateriaal en het grootste verschil wat ik hierin terug vond is dat de secundaire verhaallijn met Oskar’s oma achterwege is gelaten waardoor het verhaal zich nu enkel en alleen focust op de jonge protagonist en zijn zoektocht naar het slot. Dit is een prima keuze geweest en met behulp van de (onvermijdelijke) voice over wordt de creatieve vertaalslag gemaakt.

Helaas is de niet chronologische verhaalstructuur intact gelaten en dit werkt niet in het voordeel van de film. Het is best te begrijpen waarom de gebeurtenissen niet in de juiste volgorde voorbij komen maar hierdoor maak je het verhaal onnodig verwarrend en dat is één bepaalde sleutelscène uiteindelijk niet waard. De non lineaire aanpak zorgt er indirect ook voor dat Extremely Loud & Incredibly Close niet de emotionele impact brengt zoals je dat van een dramatisch verhaal als deze zou mogen verwachten. Het ene moment lijken de tranen in je ogen te branden (de telefoontjes van zijn vader die weet dat hij gaat sterven maar toch sterk probeert te blijven) terwijl je daarna weer een tijdsprong maakt naar het heden. Een louter chronologische volgorde had de film minder omslachtig maar zeker ook beter kunnen maken.

Maar leid je niet misleiden door de bovenstaande kritiek want wat resteert is een productie die de middelmaat nog altijd ver weet te ontstijgen. De nasleep van 9/11 wordt met enorm veel respect in beeld gebracht wat de nodige tranentrekkende momenten oplevert maar tegelijkertijd straalt het verhaal hoop uit. Dit komt het beste tot uiting in de vele bezoekjes die Oskar brengt aan de diverse Blacks die hem vaak met open armen ontvangen. Prachtig is tevens de band tussen de hoofdpersoon en de zwijgende Duitse huurder aan de overkant van de straat. De flashbacks met vader en zoon zijn tot op het kleffe af maar zolang de vader gespeeld wordt door Tom Hanks zou je jezelf daar makkelijker overheen kunnen zetten.

Maar de allergrootste verrassing luistert naar de naam Thomas Horn en dat is een verhaal op zich. Naar verluidt zouden de makers al honderden kinderen op auditie hebben gehad voor de hoofdrol toen de producers een aflevering van de spelshow Jeopardy voorbij zagen komen en in Horn de ideale Oskar zagen. Het enige verwijt wat je de makers zou kunnen maken is dat Horn duidelijk te oud is om voor een 9-jarige door te gaan maar Thomas Horn is een absolute ontdekking! Hij portretteert zijn Oskar op een bijzonder fijne manier waarin zijn autistische trekken, zijn pijn en zijn betweterige gedrag erg geloofwaardig worden gebracht. En dan te bedenken dat dit personage op geen enkel moment de irritatie van de kijker weet op te wekken.

In de ondersteunende rollen vinden we niet de minste namen. Tom Hanks heeft beperkte screentime maar weet een erg fijn gevoel op te roepen als goedzak Thomas terwijl Sandra Bullock sterk op dreef is als Oskar’s getraumatiseerde moeder. De stroeve gesprekken tussen haar en Oskar zijn soms tot aan het misselijkmakende toe vanwege de spijkerharde beledigingen maar het is nogmaals een bewijs dat het ontzettend jammer is dat Bullock niet vaker dit soort dramatsiche rollen op haar neemt. Max von Sydow verdiende een terechte Oscarnominatie voor de rol van zwijgzame huurder en alhoewel we Jeffrey Wright maar kort zien weet hij toch diepe indruk te maken als we goedhartige William.

Rating:
7.7 / 10

Ender’s Game

Enders GameJaar: 2013
Regie: Gavin Hood
Cast: Asa Butterfield, Harrison Ford, Hailee Steinfeld, Abigail Breslin, Ben Kingsley, Viola Davis e.a.

Het verhaal: 
Zeventig jaar is er inmiddels verstreken sinds de laatste alien-invasie, die een immense strijd tussen de mens en een alien-ras genaamd ‘de Formics’ als gevolg had. De jonge Ender Wiggin (Asa Butterfield), een uiterst ontwikkeld kind, wordt naar een militaire school gestuurd die zich in de ruimte bevindt. Hier wordt hij samen met andere getalenteerde leeftijdsgenoten getraind en opgeleid om voorbereid te zijn op toekomstige invasies.

Het oordeel: 
De Zuid-Afrikaanse Gavin Hood heeft zich met films Tsotsi (2005) en Rendition (2007) ontpopt als een vakkundige regisseur die maatschappelijke vragen niet uit de weg gaat. Het zwakkere X-Men Origins: Wolverine dateert alweer uit 2009 dus het werd weer eens tijd dat Hood op de regiestoel klom.

Ender’s Game is de gelijknamige verfilming van Orson Scott Card’s bestseller en na het zien van de film ben ik razend benieuwd geworden naar het boek. Helaas is dat niet dankzij een goede film… integendeel zelfs. Ik kan het me namelijk niet voorstellen dat het boek zo’n incoherent geheel vormt zoals dat hier wordt gepresenteerd in de verfilming. Het scenario kent meer gaten dan Zwitserse gatenkaas en het meest kwalijke aspect is dat het scenario veel, heel veel vragen onbeantwoord laat.

Zo is er Colonel Graff die veel potentie ziet in cadet Ender. Waarom hij van het begin af aan onder de indruk is van zijn pupil wordt nooit duidelijk gemaakt en de kijker heeft dit maar te slikken. Waarom jongeren in deze oorlog op belangrijke posities worden gezet is ook een gegeven wat niet wordt belicht. Ja, er wordt wat geroepen over het feit dat jongeren sneller kunnen denken en schakelen maar waarom zien we louter tieners aan het roer? Waar zijn bijvoorbeeld de jongeren die de bevolkingscategorie van 20-30 jarigen bevolkt? Ook over de invasie van 70 jaar geleden krijgen we weinig te weten en zo kan ik nog wel even doorgaan.

Ender’s Game laat zich nog het beste beschrijven als een Sci-Fi jeugdfilm met een groot budget. Het goede nieuws is dat we zien waar de $ 110.000.000 grotendeels aan op is gegaan. Qua visuele effecten valt er weinig te klagen alhoewel we hier en daar wel een verdwaalde scène tegen komen waarbij de visuals opvallend slecht zijn. In ieder geval proberen Hood & Co. een handvol leuk bedachte actiescènes te presenteren en met name de oefeningen tussen de jongeren mogen er wel zijn. Het tempo van het verhaal is aardig maar dat kan ook niet anders wanneer Hood, die naast de regie ook het scenario schreef, besluit om zoveel gebeurtenissen in de 114 minuten probeert te proppen.

Het levert helaas geen al te beste film op. Naast de plotgaten en onbeantwoorde vragen maakt Ender’s Game het zich ook makkelijk om het maar helemaal niet over het concept kindsoldaten te hebben. Er is weliswaar één personage die haar bedenkingen uitspreekt maar verder is het leiderschap, oorlogszucht, tactiek en eer wat de klok slaat. Dit zijn geen tieners die worstelen met de pubertijd maar harde soldaten in wording. Het maakt het er allemaal niet realistischer op (voor zover je daarvan kunt spreken in een Sci-Fi) maar voor een screenplay dat morele kwesties vermijdt slaat het einde als een tang op een varken. Ik zat bijna met open mond naar het scherm te turen toen de nasleep van de grote ontknoping zich aandiende. Een tof einde zo bedacht ik me totdat men besloot om Ender’s Game toch maar weer hoopvol te laten eindigen. Een grote teleurstelling.

Asa Butterfield, het schattige jongetje uit Hugo (2011) is er niet knapper op geworden maar hij staat zijn mannetje als de uitverkorene. Hij overtuigd eerst als schuchter mannetje die zich langzaamaan ontpopt tot onbevreesde en ietwat arrogante leider. Harrison Ford acteert al jaren op de automatische piloot maar het moet worden gezegd dat zijn personage geloofwaardiger overkomt door Ford’s charisma. De rest van de cast is eigenlijk bijzaak; Hailee Steinfeld wordt gedegradeerd tot louter vrouwelijke opvulling, Ben Kingsley is niet meer dan degelijk, Abigail Breslin is maar eventjes te zien en Viola Davis fungeert als misplaatst geweten van de film.

60